Cookie Consent by TermsFeed
<< Terug naar de Blog pagina

Kinderen en emoties

Kinderen en emoties

Kinderen en emoties
23/5/2021
- Geschreven door
Kim Valstar

In deze blog schrijf ik over de het reptielenbrein, zoogdierenbrein en mensenbrein. Het is een makkelijke manier om uit te leggen hoe het brein werkt en hoe het in relatie staat tot emoties en gedrag. Maak eens een vuist met je vingers over de duim heen geslagen. De pols en handpalm staan voor reptielenbrein. Hier wordt alle informatie die je via je zintuigen binnenkrijgt verwerkt. Zoals proeven, ruiken en horen. Het reptielenbrein functioneert onbewust, snel en instinctief. Het zoogdierenbrein is het topje van je duim. In het zoogdierenbrein ligt oa de Amygdala (emotiecentrum). De informatie die binnenkomt via het reptielenbrein wordt hier onderzocht op gevaar door informatie te vergelijken die al is opgeslagen aan herinneringen in ons ‘onbewuste’ geheugen.

Links: de vuist is gesloten met de vingers over de duim. Rechts: de vuist is open.
Zoals de geur van een sinaasappel. Een geadopteerde Ierse man werd altijd misselijk bij het ruiken van sinaasappels. Hij begreep niet waarom. Toen hij zijn zus op latere leeftijd ontmoette vertelde zijn zus dat hij te vondeling was gelegd in een sinaasappelkist. De geur van de sinaasappels was voor hem een trigger: een associatie tussen een zintuigelijke prikkel en een (traumatische) onbewuste herinnering.

Terug naar de vuist. De vingers staan symbool voor de hersenschors (neocortex) ofwel het mensenbrein. Met dit gedeelte van het brein kun je logisch nadenken, plannen, doelen stellen, problemen oplossen, aan zelfreflectie doen, leren, dingen afwegen en erover praten. Het is het meest geëvalueerde gedeelte van het brein.

Het zoogdierenbrein (oa emotiecentrum) werkt als een stoplicht op de zintuigelijke prikkels die binnenkomen:


Groen Het is rustig en veilig. Vuist: de vingers zijn uitsluitend over de duim heen geslagen.
Oranje Let op, het is misschien onveilig. Vuist: de vingers blijven over de duim of gaan omhoog.
Rood Ik voel mij onveilig en mijn brein slaat alarm. Vuist: de vingers staan omhoog en maken geen contact met de duim en pols.

Window of tolerance

Als het stoplicht op oranje staat ben je nog binnen je Window of tolerance, ook wel het raampje genoemd. Als de stress binnen het raampje blijft ofwel je de stress kunt verdragen dan kan je nog nadenken en kiezen hoe je reageert. Aan het lichaam merk je het volgende: verhoogde hartslag, snellere ademhaling, zintuigen worden gevoeliger, spieren raken meer gespannen. Het ligt aan de situatie en gedachten van het kind wat het gaat doen. Gedachte: het is oké, niks aan de hand. Het kind gaat terug naar groen. Denkt het kind: dit gaat mis, ik ga pijn krijgen… dan gaat het kind uit zijn raampje naar rood. De stress klapt uit het raampje. Bij rood kan het kind niet meer nadenken of een oplossing bedenken. Het lichaam stuurt zichzelf aan om zich te verdedigen tegen gevaar: vechten, vluchten of bevriezen.

Het helpt om kinderen bewust te maken van de werking van het brein. Leg het uit aan de hand van de vuist en het aanleren van de termen als reptielenbrein, zoogdierenbrein en mensenbrein. En door ‘het raampje’ uit te leggen. Als ouder, leerkracht of coach helpt het om dit voor het kind beeldend te maken. Daarna kan je op zoek gaan naar manieren om het kind te helpen in zijn raampje te blijven of weer terug te komen in zijn raampje. Terug van rood, naar oranje en dan naar groen.

Zelf naar het kind toe (ouder, leerkracht of coach):

  • Zelf rustig blijven
  • Met lage stem praten
  • In de buurt zijn
  • Troosten
  • Begrip tonen
  • Helpen herinneren aan de mogelijkheden van rustig worden (zie materialen hieronder).
  • Laat het kind even met rust als dat kan.
  • Probeer niet te veel te praten tegen het kind. Dit kan pas weer als het kind oranje of groen is.

Materialen:

  • Inzicht in emoties en brein (boek Hersenen en Emoties in Beeld – W. Brands-Zandvliet)
  • Ademhalingstechnieken aanleren (Helen Purperhart – Ademspelkaarten)
  • Yogaoefeningen (Helen Purperhart – Kinderyogakaarten)
  • Een rustig plekje kiezen (of inrichten)
  • Helpende gedachten aanleren (Kaartenset van Adinda de Vreede – Pica)
  • RelaxKLETS van Florien van de Aar
  • Werken met een gevoelsthermometer.
  • Onder een deken op de bank.
  • Water laten drinken.
  • Bellenblazen: dit helpt het kind om op een bepaalde manier adem te halen waardoor het lichaam rustiger wordt.
  • Stressbestrijders laten kiezen zoals: muziekje luisteren, water drinken, een tekening maken, ontspanningsoefening laten doen, iets pakken om mee te friemelen. Betrek je kind bij de keuze maken (op een groen moment).
  • Stressbestrijders doos maken (op een groen moment). Laat het kind een doos versieren of een mooie doos/box kopen. Dit kan erin: bellenblaas, tekenspullen, schriftje, handcrème, knuffeltje, bijzondere schelp (of iets wat een goed gevoel geeft), kneedgum, klei, tangle, stressbal, chewie (kauwketting). Betrek het kind bij de keuzes van de doos.
  • Werkboeken zoals: Een vulkaan in mijn buik (Warwick Pudney – Eliane Whitehouse), Leer kinderen omgaan met Verandering, stress en angst (uitgeverij Pica) of Ik ben relaxt (Psychogoed.nl)
  • Mindfulness (bijvoorbeeld de kaartenbox Monkey Mind)
  • Bewegen: zoals op een trampoline springen.

Hersenen en Emoties in Beeld

  • Auteur: W. Brands-Zandvliet
  • Uitgever: Praktijk Bewegenderwijs
  • EAN: 9789461907561
Hersenen en Emoties in Beeld